 |
|
|
Conferentie
Excellentie! Integriteit als deugd
Kwestie van deugd? Kwestie
van doen!
BinnenbeRijk 6 / juli 2008
tekst: Ellen Klein Breukink / fotografie: Bert de Jong, Ien Dales Leerstoel
/ CAOP
Wat is integriteit en hoe bereik je dat? Is het een deugd? Kun
je je erin ontwikkelen? Is integriteit een kwestie van autonomie? Deze
en andere vragen kwamen aan bod op de conferentie Excellentie!
Integriteit als deugd op 25 juni jl. bij het
COAP in Den Haag. Als klapstuk van de middag werd de Ien Dales Award
2008 uitgereikt. Een verslag.
Integriteit is van alle tijden, hoewel het woord
in de oudheid nog niet bestond. Toch lijkt het begrip integriteit in
onze moderne maatschappij flink aan erosie onderhevig. Immers, mensen
worden steeds vaker gedreven door extrinsieke - vaak financiële - prikkels in plaats van intrinsieke
prikkels, vertelt Thijs Jansen van de Stichting Beroepseer.
‘We zijn niet meer gewend ervan uit te gaan dat mensen intrinsiek
gemotiveerd zijn. Getuige het toenemende aantal openbare aanbestedingen
en de groeiende marktwerking van onze economie. Een paradoxale ontwikkeling
wat mij betreft: hoe beschaafder onze samenleving is geworden, des te
meer de mensen het geloof in de mensheid zijn verloren. In Nederland
zijn we vooral bezig met de beste dienstverlening tegen de laagste prijs.’
Een Calvinistische erfenis misschien, denkt Jansen. Maar toch vooral
een illustratie van het cynisme dat gepaard gaat met een door externe
prikkels gedreven samenleving zoals het moderne Nederland.
Erkenning
Jansen ziet integriteit als iets dat onlosmakelijk is verbonden met de
publieke sector. Hij pleit ervoor meer te besturen met beroepseer als
uitgangspunt. ‘Hieronder versta ik het streven om kwaliteit te
leveren en de erkenning van dat streven door anderen. Beroepstrots,
zelfrespect en geweten zijn daarbij belangrijke aspecten. Een integer
persoon heeft waarden en neemt deze serieus. Dat kan alleen als hij
een bepaalde mate van autonomie heeft.’
Volgens Jansen zorgt autonomie niet alleen voor meer werkplezier, maar
kunnen autonome professionals ook beter afstemmen op complexe situaties
en functioneren als intelligente frontliniewerker. Daarnaast vergt autonomie
minder controle en regelgeving, omdat er gewerkt wordt op basis van vertrouwen.
Maar hoe creëer je deze autonomie? Jansen noemt enkele voorwaarden. ‘Niet
alleen moet duidelijker zijn waartoe de publieke sector dient, ook moeten
we besturen met meer draagvlak. Wanneer vakbonden te smalle gesprekspartners
zijn, moeten we zoeken naar meer gesprekspartners om de legitimiteit
van maatregelen onder beroepsoefenaars te verbreden. En erkenning is
belangrijk. Erkenning en waardering van de publieke werkers.’
Krassen
Autonomie dus als voorwaarde voor integriteit. Maar daarvoor is het wel
nodig een exacte definiëring van het begrip integriteit te geven.
Paul van Tongeren, hoogleraar wijsgerige ethiek aan de Radboud Universiteit
Nijmegen, verwijst naar de deugdenethiek.
‘Een deugd is een virtuositeit, een excellentie.’
Van Tongeren omschrijft de verschillende kenmerken van het begrip deugd
en de problemen die deze veroorzaken in de integriteitsdiscussie. Zo
legt hij uit dat een deugd geen handeling is, maar een houding. En daardoor
moeilijk meetbaar. Verder is een deugd een kwestie van voortdurende vorming.
Als krassen in een blad die samen een karakter vormen. De beste krassen
zijn de deugden. ‘Daardoor is deugdenvorming in feite nooit af’,
aldus Van Tongeren. Nog zo’n probleem: een deugd is gebaseerd op
kwaliteitsstandaarden, dus niet kwantificeerbaar en niet meetbaar. De
deugdenethiek is bovendien discriminerend: deze impliceert immers dat
de ene persoon beter is dan de andere. En dan de meer-of-minder-kwestie.
‘Een beetje integer bestaat niet’, zei Ien Dales ooit. Maar
volgens Van Tongeren kan iemand wel degelijk meer of minder deugdzaam
zijn.
Al met al is het nog niet gemakkelijk de deugdenethiek in te schakelen
bij de definiëring van integriteit, zo geeft Van Tongeren aan. Maar
onmogelijk is het ook niet. Van Tongeren: ‘Iedere deugd is een
concretisering van de kardinale deugden Moed, Maat, Rechtvaardigheid
en Verstandigheid. Maar bovenal is deugdzaamheid te ontwikkelen. Niet
alleen de beste kan deugdzaam genoemd worden. Iedereen kan beter leren
deugen. Misschien is dat wel de kern van deugd: voortdurend proberen
beter te worden.’
Moresprudentie
Tot zover de theorie. Edgar Karssing, onderzoeker en trainer aan de Nyenrode
Business Universiteit, maakt het begrip integriteit concreet met een
aantal praktijkverhalen. ‘Zoals het recht met jurisprudentie
de toepassingspraktijk registreert, kan dat binnen de integriteit met
moresprudentie: de optekening van alle afwegingen, keuzes en beslissingen
bij integriteit. Door keuzeargumenten en gedragsrichtlijnen vast te
leggen en hier verslag van te doen, bouwen organisaties moresprudentie
op.’ Als klinkend voorbeeld noemt Karssing een gemeente die moresprudentie
hanteert bij het al dan niet ingaan op de vele uitnodigingen die zij
wekelijks binnenkrijgt. Op basis van de criteria functionaliteit, onafhankelijkheid,
geloofwaardigheid en voorbeeldfunctie maakt de gemeente steeds de afweging
hoe ze met de uitnodiging omgaat. Inmiddels is er een rijke informatiebank
ontstaan. Niet met ijzeren regels, maar met een kader voor afwegingen.
Een kader dat de gemeente borgt door driemaandelijks een selectie van
uitnodigingen te toetsen met behulp van de moresprudentie.’
Ander voorbeeld van integriteit in de praktijk: De Nederlandsche Bank
heeft integriteit als beoordelingscriterium geformuleerd. Zij doet dit
door nauwkeurig te omschrijven wat haar normen voor integriteit zijn
en aan te geven wanneer een werknemer qua integriteit op de norm, onder
de norm of boven de norm presteert.
Twee dijken van voorbeelden waaruit blijkt dat integriteit meer is dan
een mooi woord alleen. En laat dit nu net de slogan zijn waarmee Ien
Dales Award-winnaar Frans van Oostrum integriteit wist te verankeren
in de UWV-organisatie (zie kader).
Ien Dales Award 2008 naar Frans van Oostrum
Integriteit…meer dan een mooi woord! Met deze slogan
zette Frans van Oostrum, Hoofd Bureau Integriteit bij het UWV,
integriteit op de kaart bij zijn organisatie. Op de conferentie Excellentie!
Integriteit als deugd ontving hij uit handen van waarnemend
Secretaris-Generaal BZK Philippe Raets de Ien Dales Award 2008.
Van Oostrum kreeg de onderscheiding voor zijn inzet en ambassadeursrol
op het terrein van integriteit. Volgens de jury heeft Van Oostrum ‘in
een relatief korte periode van ruim drie jaar gestalte gegeven
aan het integriteitbeleid en de uitvoering daarvan.’ Van
Oostrum ontwikkelde niet alleen een nieuwe gedragscode voor het
UWV; hij stelde ook een meldpunt integriteit op en een regeling
hoe om te gaan met schendingen van integriteit. Met het winnen
van de award ontving Van Oostrum een bronzen Ien Dales- beeld plus
een geldbedrag van 2.500 euro voor het verder bevorderen van de
integriteit. |
|
|
De Ien Dales leerstoel wordt ondersteund door:
|